Mei 1919 – door Marinus Vermooten

Gemeenteraad.

In 1917 kwam gelijktijdig met de invoering van het onvoorwaardelijke stemrecht voor mannen, ook het passief vrouwenkiesrecht aan bod. Het kiesrecht was tot begin van de 20ste eeuw voorbehouden aan een beperkte groep mensen, alleen een groepje rijke mannen mochten meedoen aan de verkiezingen op grond van de hoeveelheid belasting die zijn betaalden, dat werd het censuskiesrecht genoemd. Pas in 1917 werd dit uitgebreid naar de gehele mannelijke bevolking. In 1919 werd het actief kiesrecht aan vrouwen toegekend, van algemeen kiesrecht is dus pas sprake sinds 1919.  De eerste verkiezingen op basis van het algemene kiesrecht vonden plaats in 1922. De met veel spanning tegemoet ziende gemeenteraadsverkiezingen, voor het eerst onder dit nieuwe kiesstelsel, bracht een ingrijpende verandering in de samenstelling van het college. De Vrijzinnigen verloren haar meerderheid, en hoewel niet gezegd kan worden dat de raad nu socialistische was, was het wel de SDAP die aan de gemeentepolitiek leiding geven moest. Bij de Vrijzinnig Democraten kwam alleen Ludovicus Franciscus van Loo als nieuweling, hij was werkzaam als zeilmaker op de Rijkswerf. Naast secretaris van de vereniging van werklieden ‘Onderling Belang’ met Henry Baak (Rooms Katholieke Staatspartij) als voorzitter, was van Loo eveneens lid van de huurcommissie.  De nieuwe gekozen raadsleden van de SDAP waren Johannes Borkert, A.G.A. Verstegen en Cornelis Heijblok

 

Cornelis Heijblok, postbesteller bij de PTT, was voorzitter van de Helderse Bestuursbond en bestuurslid van de Centrale Bond voor Post-, Telegraaf- en Telefoon personeel, afdeling Den Helder.  Hij was daarnaast medeoprichter van de Arbeiders Zangvereniging ‘Kunst aan het Volk’.  Heijblok toonde zich als lid van de raadscommissie Publieke Werken een vurig voorstander voor het verbouwen van het weeshuis aan de Kerkgracht tot raadhuis. In de tweede helft van de jaren twintig werd dit plan gerealiseerd.

 

Zijn SDAP raadscollega Borkert stond alom bekend als de joviale gemoedelijke kastelein van het Bondsgebouw aan het Julianaplantsoen. Borkert troonde daar als ongekroonde koning te midden van zijn talrijke en steeds wisselende onderdanen. Hij heeft menig kopje koffie ingeschonken en voorzag hongerige matrozen van een gevulde koek of hij verkwikte ze

Jan Hendrik Staalman (Christen Democratische Partij) was naast agent van de Voogdijraad ook werkzaam als directeur van het Zeemanshuis aan de Weststraat en als correspondent van de Vereniging tot Reclassering van ontslagen gevangenen en voorwaardelijk veroordeelden. Maar ook was hij leider van de Middernachtzending en hij zette zich actief in als drankbestrijder. Aan zijn zijde vond hij raadslid Coenraad Bot, die naast buitengewoon opziener bij de visserij ook secretaris van de Helderse vissersvereniging was.

 

Dominicusschool.

De Dominicusschool aan de Jonkerstraat bestond 50 jaar en dat moest worden gevierd. Naast de bewaarschool voor jongens en meisjes gaf men ook onderwijs aan meisjes in de elementaire vakken en er werd brei- en naai les gegeven.De school werd in 1872 uitgebreid met een afdeling waar Franse les gegeven werd. Onder druk van de ouders en de schoolinspectie besloot het bestuur in 1911 tot het toelaten van jongens in de 1ste en 2e klas, dat hield wel in dat de school in 1913 te klein was geworden.

Zo staat er in het jaarverslag van 1915 van de gemeente Den Helder te lezen, dat de RK meisjesschool plannen had om te vernieuwen en daarnaast een RK jongensschool wilde stichten, maar vanwege financiële problemen stranden de pogingen. Er werd een commissie in het leven geroepen die in 1916 met het gemeentebestuur overeenkwam, om het complex aan de Jonkerstraat aan de gemeente te verkopen onder beding, dat men in 1918 over de grond beschikken kon. Het nieuwe scholencomplex werd gepland aan de Polderweg met een deel aan de Javastraat. Maar door schaarste aan bouwmaterialen en door een enorme kostenstijging ten gevolgde van de Eerste Wereldoorlog, liepen de bouwplannen een enorme vertraging op. Gelukkig bracht de Lagere Onderwijswet van 1920 uitkomst, en zo kon het gemeentebestuur op 7 maart 1922 haar medewerking aan de bouw.

En zo konden op 2 juni 1924 de RK scholen aan Polderweg en Javastraat geopend worden.

Hierna kon het complex in de Jonkerstraat (het Dominicusgesticht),  het zusterhuis en het weeshuis (Louisegesticht) ontruimd worden en hierna overgedragen worden aan de gemeente.

1 Reactie op “Mei 1919 – door Marinus Vermooten
  1. willem mulder schreef:

    Volgens mij heette de school gewoon R.K. Bewaarschool. De zusters die daar les gaven waren van de orde der Dominicanen.
    De zusters woonden allen aan de Javastraat. Ik heb nog een unieke grote en scherpe klassenfoto uit 1906 waar o.a. mijn oma Agatha Keet opstaat met drie leerkrachten.