628 – De Graauw Feestartikelen

In de eerste plaats wil ik graag van de gelegenheid gebruik maken om alle lezers van de rubriek Afgestoft en alle andere Afgestoft sympathisanten een voorspoedig en vooral gezond 2019 toe te wensen! Van onze Spoorstraat zijn – zonder overdrijving – onnoemelijk veel ansichtkaarten en zelf gemaakte foto’s gemaakt. Het aardige is dat hiermee, over een lange rij van jaren, wordt aangetoond dat het karakter van de straat op zich weinig verandering heeft ondergaan. Alleen het achterste gedeelte van de Spoorstraat zo vanaf de 2e Vroonstraat tot aan de Molenstraat is de laatste jaren aanzienlijk op de schop gegaan! En toch wil ik vandaag nog eens terug gaan naar dat achterste gedeelte van de Spoorstraat en wel naar nummer 115, daar zat in een pand waar de winterschilders als het pand er nog had gestaan, jarenlang werk aan hadden gehad. Ik heb het natuurlijk over de feestwinkel van de Graauw. Geweldig het om in die winkel rond te neuzen, alleen kreeg je daar weinig tijd voor, want voordat je het wist vroeg meneer of mevrouw de Graauw wat je wilde kopen. Eenmaal is het mij is gelukt om de winkel eens wat grondiger te bekijken, dat kwam omdat ik met mijn opa mee was en die bij de Graauw een paar bussen verf ging kopen. Door de uitleg van hoe de verf gebruikt moest worden ontstond er enigszins wat ruimte zodat ik wat tijd had om de winkel eens goed te bekijken. En vandaag doen we dat, zij het van buitenaf nog eens eenmaal over. Cees Rondèl

6 reacties op “628 – De Graauw Feestartikelen
  1. Hijneken schreef:

    Een leuke foto Cees, verrassend.

  2. HZdwg schreef:

    Al in 1902 vind ik in ´t Vliegend Blaadje een advertentie van Joh. P. de Grauw, Kanaalweg 96, feest- en bruiloftsartikelen.
    Zijn kijk op het huwelijk is blijkbaar niet zo positief dat voor hem bruiloften vanzelf ook altijd feesten zijn.

    • HZdwg schreef:

      Graauw, niet Grauw.
      In ´t Vliegend Blaadje van 3 december 1887 lees ik dat een Korporaalsvereniging een toneelvoorstelling geeft, historisch drama. Mise en scene J. P. de Graauw, hoogstwaarschijnlijk de latere De Graauw van de feestneuzen.
      Heeft eerst nog een melksalon gehad, in een advertentie van 1 jan 1893 wenst melksalon J.P. de Graauw , kanaalweg 96, gelukkig nieuwjaar.

  3. Willem J. Sloot schreef:

    Ik ben van 1950 en heb dat pand van De Graauw aan de Spoorstraat hoek Vlamingstraat dus aardig wat jaren meegemaakt. En net zoals Cees al aangaf je kon er ook Histor verf kopen alleen was verf aan dit pand niet besteed. Op mijn netvlies staat nog steeds de hele slechte staat van het houtwerk! Er was geen vierkante milimeter verf te bekennen.

  4. Marinus Vermooten schreef:

    Johannes Petrus de Graauw, geb. te Zaltbommel op 11 april 1861 was aanvankelijk stafmuzikant bij de Koninklijke Marine. Er zullen hem geen hoogbejaarde jutters meer herinneren dat hij nog met slaande trom de straten door marcheren. De muzikale interesse en opgeruimde stemming moeten vroeg bij hem aanwezig zijn geweest. J.P. de Graauw vestigde zich in 1888 aan het Marsdiep en woonde tot 1909 aan de Koningdwarsstraat 27. Niet bekend is of hij voordien elders woonde. Later vertrok hij met het gezin naar de Kanaalweg waar een ruim onderkomen betrok. Daarbij was een salon, waar bezoekers voor enkele centen een beker anijs-, chocolade-, en gewone melk konden kopen. Blijkens een reclamefolder dateert de handel in toneelartikelen uit 1901. Met zijn vrouw Elisabeth Helder, die als beroep opgaf: “Verkoopster van feestartikelen” hadden beiden aan de Kanaalweg 123 (later vernummerd 137) een tamelijk druk bestaan. Met name rond de koninginnedag, kermis en St. Nicolaasfeest, kwam het echtpaar benen en vooral handen tekort alle klanten te bedienen. Het van de firma Graaff gehuurde onderkomen bevatte behalve het woonvertrek en winkel een magazijn. Op de zoldering hingen kostuums. De Graauw genoot bekendheid als handig en deskundig vakman die o.m. de decors van schouwburg Casino schilderde, balmasquees en de Mattheus Passion aankleedde, kostuums leverde en het schminkwerk verzorgde. Tot de uitgestrekte collectie vermakelijkheidsartikelen behoorden zelfgemaakte maskers en mutsen, voordrachten-, bruiloft- en cabaretliederen, samenspraken, brillen, neuzen, ratels, miritons (toeters met gaatjes), diadeems (waar dames hun voorhoofd mee sierden), pruiken, baarden, snorren, nies- en jeukpoeder, schertsartikelen, vliegende bloemen, serpentines, guirlandes, gezelschapsspelen, enz. Na het overlijden van Johannes de Graauw (6 oktober 1924) zette de weduwe en dochter Mies de Graauw het werk voort. Uit het gezin zijn diverse kinderen geboren. Zoon Albert (1894 -1964) begon als banketbakker vertrok op jeugdige leeftijd naar Amsterdam en keerde in 1933 naar zijn geboorteplaats terug. Als deze weer zijn ouderlijke woning betrekt, neemt hij de winkel van zijn moeder, die voorgoed naar Wageningen vertrok, vertrekt, over. Naast feestartikelen is er een assortiment behang bijgekomen. De verfhandel is van latere datum. Gedurende de tweede wereldoorlog moesten de oranjegezinde artikelen zoals roodwit-blauw vlaggetjes, oranje lampions en schilden met “Hulde aan het Bruidspaar Juliana – Bernhard” worden ingeleverd. Deze maatregel stuitte De Graauw tegen de borst en als goed Nederlander liet hij de verboden koopwaar onderbrengen bij bevriende relaties te Hoogwoud. Na het ontruimen van de Kanaalweg betrok het gezin het leegstaande pand aan de Spoorstraat 155 waar het sinds 1942 de handel voortzette. Als gevolg van ziekte namen kleinzoon Albert en zuster Elisabeth de winkel omstreeks 1955 van hun vader over. Zij zouden dat met uiterste inzet blijven doen. In 1981 overleed Albert jr. en viel definitief het doek. Het op den duur in vervallen staat verkerende pand, in de jaren negentig van de negentiende eeuw als slagerij opgezet en nadien o.a. een meubelzaak, ging eind september 1983 tegen de grond. Op de vrijkomende plaats heeft aannemer Geveke woningen gebouwd.

  5. Piet van Es schreef:

    Jongens jullie zitten zeker te snurken daar!